Dossiers
Dossier Personeel
Brede scholen en combinatiefuncties
Op 30 oktober is de voortgangsrapportage van de ‘Impuls brede scholen, sport en cultuur’ waarmee het kabinet in 2008 is gestart, naar de Tweede Kamer gestuurd. De trekkers van de impuls zijn staatssecretaris Bussemaker van VWS en staatssecretaris Dijksma, mede namens de andere bewindslieden van OCW. De impuls behelst een samenhangend aanbod van onderwijs, sport en cultuur voor kinderen en jongeren. Gemeenten kunnen hiervoor met structurele steun van het Rijk personeel aantrekken. De oorspronkelijke doelstelling van de impuls, het realiseren van 2500 combinatiefuncties in 2012, maakt deel uit van het beleidsprogramma van het kabinet. Door de financiële crisis is het noodzakelijk deze afspraken bij te stellen naar 2250 functionarissen in 2012.
Financiële positie gemeenten
Gemeenten die al deelnemen aan de impuls, maar ook gemeenten die nog gaan starten, wijzen op de moeilijke financiële positie waarin zij verkeren als gevolg van de (financiële) crisis. Daarom hebben VWS, OCW en de gemeenten bekeken hoe zij verder willen gaan met de impuls en het aanstellen van combinatiefunctionarissen. Uitgangspunt is dat zoveel mogelijk combinatiefunctionarissen worden aangesteld op de juiste plekken. Gezamenlijk is gezocht naar mogelijkheden waarbij rekening wordt gehouden met de financiële problemen van gemeenten. Het beschikbare geld moet ten goede komen aan die gemeenten die de afgesproken aantallen combinatiefuncties realiseren, en die dus ook de bijbehorende kosten maken.
Hoger normbedrag
Het normbedrag per combinatiefunctionaris wordt verhoogd naar €50.000. Dit stelt gemeenten en sectoren in staat om een kwalitatief goede combinatiefunctionaris aan te stellen, met werkervaring en een passende opleiding. Omdat het totaal beschikbare budget bij Rijk en gemeenten gelijk blijft, zullen er in 2012 in totaal 250 fte minder combinatiefuncties kunnen zijn dan oorspronkelijk was afgesproken.
Naast de verhoging van het normbedrag krijgen gemeenten vanaf nu de ruimte om een deel van de lokale cofinanciering door derden te laten meefinancieren. Dit betreft maximaal een derde van de totale cofinanciering die door lokale partijen mag worden gefinancierd, op voorwaarde dat dit in overleg en overeenstemming met deze lokale partijen gebeurt.
Met deze nieuwe afspraken is een balans gevonden tussen enerzijds het tegemoetkomen aan gemeenten en anderzijds het realiseren van zoveel mogelijk combinatiefuncties in 2012. Zowel de gemeenten als de rijksoverheid vertrouwen erop dat er ieder jaar meer combinatiefunctionarissen bij zullen komen en dat het nieuwe doel van 2250 combinatiefunctionarissen in 2012 wordt gehaald.
Wilt u de voortgangsrapportage downloaden: klik hier
Wilt u het onderzoek downloaden: klik hier

Print
Stuur deze pagina door